Alles over kunst

Expo  HART Nr. 200

Actueler dan ooit

Paul De Vylder in de Verbeke Foundation
Marc Holthof

Praktische info

Machinations van Paul De Vylder in de Verbeke Foundation, Westakker in Kemzeke tot 12 april. verbekefoundation.com
Les demoiselles de Saint Antoine is uitgegeven door VANDENHOVE - A&S/books. www.andsbooks.ugent.be

Paul De Vylder (º1942) is één van onze belangrijkste hedendaagse kunstenaars. Vooral in de jaren tachtig was hij bekend en berucht omwille van de semiotische en iconologische onderbouw van zijn opvallende installaties en schilderijen. De Vylder zette frontaal de aanval in op de burgerlijke representatie die hij ontmaskerde en aan de kaak stelde in installaties en schilderijenreeksen als Discipline, Gringo Total of Quarantaine.

Paul De Vylder, Labrys, © foto Tineke Schuurmans

Vandaag is Paul De Vylder té weinig bekend, ondanks het feit dat hij een belangrijke plaats inneemt in onze kunstgeschiedenis. Als één van de eersten liet De Vylder het zelf-expressieve schilderen maar ook de conceptuele kunst varen. Hij ontwikkelde een heel eigen kritische, iconologisch-ideologische benadering van het beeld. Zonder De Vylders baanbrekende werk is het oeuvre van de jonge Luc Tuymans moeilijk denkbaar. Beiden maakten begin jaren 80 trouwens deel uit van de entourage van Ruimte Morguen en het tijdschrift Fase 2.

Dat De Vylder vandaag een ‘artiste maudit’ dreigt te worden, blijkt uit het feit dat zijn retrospectieve niet doorgaat in één van onze talrijke musea van hedendaagse kunst, maar in de Verbeke Foundation in Kemzeke. Niet dat er iets mis is met de tentoonstellingsomstandigheden waarin De Vylder er zijn werk toont. Alleen, toen ik midden december de expo bezocht was het er bitter koud, zelfs kouder dan buiten! Maar dat mag geen belemmering of excuus zijn: De Vylders werk wil niet comfortabel, sympathiek en knus, laat staan kleurrijk, ’fraai’ of ‘mooi’ zijn. Dit is geen kunst ‘met oog voor schoonheid’ volgens de recepten van de N-VA. Het is werk dat de kijker tegen de haren in strijkt, dat tegendraads en weerbarstig is, en voorzien is van een bos aan weerhaakjes. Kunst, kortom, zoals die vandaag in het (weldra) neofascistische Vlaanderen gemaakt zou moeten worden, maar helaas al lang niet meer gemaakt wordt.

Opvallend aan de tentoonstelling is dat er een serie werken uit de jaren zestig te zien is, toen De Vylder nog schilder was en zijn semiotische en iconografische studies nog niet aangevat had. Vooral één doek uit die periode blijft in het geheugen hangen: twee monsterlijke mummies in ruwe kleuren op donkere achtergrond die op ons afkomen. Het lijkt de horror-versie van een El Greco. En meteen ook de voorbode van De Vylders post-conceptuele werken uit de jaren 80 waarvan ook steeds een dreiging uitgaat.

De werkelijkheid op de korrel

Machinations heet deze retrospectieve en het titelbeeld is een duikboot die als een gigantische penis-machine uit de zee opduikt. Jane’s Dreamboat (1983) is de ironische titel. Helden en macht, de deconstructie van de mannelijke heroïek, is één van grote thema’s in het oeuvre van De Vylder. Via het ontluisteren van de iconografie van het fascisme ontmaskert De Vylder onze alledaagse leefwereld. Hij combineert graag banale burgerlijke – in pek geschilderde – beelden van een romantische zonsondergang, een villa, een sauna, concertzaal, of een bos-, berg- of zeezicht met beelden van forse naakte mannen die er een andere, verontrustende dimensie aan geven. In vaak gigantische doeken (de triptiek La Morte di Cesare meet driemaal 260 x 190 cm) speelt De Vylder met de fascistische iconografie die voor hem aan de basis ligt van onze spektakelmaatschappij. Daarbij neemt hij steeds weer het burgerlijke realisme, de mimetische verdubbeling van de werkelijkheid op de korrel.

Eind jaren 80 begon de kunstenaar objecten, rebussen en hiërogliefen te maken. Vaak in, of met gebruik van koeienhuid, pek of lood en voorzien van fascistische symbolen. Meesterlijk in hun ironie zijn een aantal kleine objecten als Le miroir de Jyb (een aap met twee kegelvormige hoeden op het hoofd) en vooral, helaas niet op deze tentoonstelling: Loyalty 1: de hond van platenmaatschappij His Master’s Voice maar nu met de punt van kegel op zijn voorhoofd gericht. ‘His Master’s Mind’ zeg maar. Pregnant van betekenis is ook een reeks zeisen met wat op het eerste gezicht een ingebouwd kompas lijkt, maar in feite vier in zilver gevatte relieken blijken te zijn.

Twee heel mooie werken mag u niet missen. In een hoek is een hok gebouwd waarin een klein, opgezet everzwijntje met lange uitgerolde metalen tong in een lichtbak staart. Le petit psychanaliste heet het werkje uit 1991. Nieuw is een prachtige video gebaseerd op een fotografische installatie uit 1996 (Labrys uit de reeks Machinae). Gevat in een stalen constructie, poseert een naakt meisje hoog boven de toeschouwer. Door een handig spel met computer-blurring lijkt het of de figuur beweegt.

In oktober vorig jaar werd bij Vandenhove in Gent een nieuw boek van Paul De Vylder voorgesteld, Les demoiselles de Saint Antoine: met behulp van de computer bewerkte beelden van naakte nimfen. De Vlaamse kunstkritiek was massaal op de boekvoorstelling aanwezig: Wim Van Mulders, Bart Verschaffel, Lieven De Cauter, Frank Van de Veire, Koen Brams, Dirk Pültau e.a. Even opvallend was de quasi complete afwezigheid van curatoren en museumdirecteurs. Soms, heel soms, maakt een kunstenaar werk dat zo haaks staat op zijn eigen tijd dat de officiële instellingen het niet eens meer durven tonen.