Alles over kunst

City Report

Expo

De tuin van de buren

City report uit Wenen (1)
Pieter Vermeulen

Praktische info

Lois Weinberger, Basics, until 24 October at Belvedere 21. belvedere.at

Dominique Gonzalez-Foerster, VOLCANIC EXCURSION (A VISION), until 5 September at Wiener Secession. secession.at

ETABLISSEMENT D’EN FACE, with Christoph Meier, Gijs Milius, Ute Müller, Robert Schwarz, Lukas Stopczynski, Harald Thys, Margot Vanheusden, Etienne Wynants, et al., until 30 September at WAF Galerie. wafgalerie.com

(English translation here)


Wir müssen der Natur Territorien zurückgeben die wir ihr widerrechtlich weggenommen haben.

Wij moeten de natuur de gebieden teruggeven die wij haar onrechtmatig hebben afgenomen.

(F. Hundertwasser)


België, augustus 2021. Door een recente hervorming van het goederenrecht en na lang en weloverwogen juridisch beraad is het plots geoorloofd om de tuin van de buren te betreden voor een verdwaalde kat of een zoekgeraakte bal, zónder daar voorafgaandelijk toestemming voor te moeten vragen. Baanbrekend, de manier waarop onze rechtsstaat erop vooruit gaat en zich bekommert om het welzijn van wie in dit dichtbevolkte landje van verkavelingen en lintbebouwingen naast elkaar woont. Ein-de-lijk gedaan met op elkaars lip te zitten! En beter een goede buur dan een verre vriend, nietwaar. Wordt de achtertuin van de buren daarmee een beetje die van ons, en vice versa? Of heeft deze juridische verordening de doos van Pandora geopend, de weg bereid voor een vracht aan bijkomende burenruzies en kleinburgerlijke frustraties? Hoe heilig is de Vlaamse hof eigenlijk, dat troosteloze privérijk van getrimde pelouses, blauwe kiezels en potsierlijke postuurtjes? En wat betekent het als goede buren naast elkaar te leven, in België als vanouds een netelige politieke kwestie?

Photo: PV

Oostenrijk, september 2021. Voor wie een zeker privilege geniet is het weer mogelijk om probleemloos door Europa te reizen. Daarom besluit ik om de nachttrein naar Wenen te nemen, een veertien uur lange rit die eerder uitblinkt in charme dan in slaapcomfort. Ik verblijf negen dagen in deze stad, en dat is nauwelijks voldoende voor een verkenning van de protserige grootstad die ooit de navel was van het machtige Habsburgse rijk met Belgium Austrianacum als achtertuin. Wie rondloopt in Wenen, kan niet langs de omnipresente bombast, een soort historische behaagzucht die zich uit in een overdaad aan barokke gebouwen en beeldhouwwerken, breed aangelegde lanen en majestueuze musea, fin-de-siècle glamour, Kaffee- und Gasthäuser. Soms lijkt de tijd hier stil zijn te blijven staan, alsof er een immense glazen stolp over de stad staat als over een goed belegen stuk kaas. De ziel van het oude continent, heet dat dan, doordrenkt in melancholie: een verlangen naar wat ooit was maar nooit meer zal zijn. Sehnsucht, zo schreef Freud in Voorbij het lustprincipe (1920), is er niet alleen op gericht om de bestaande situatie te behouden, maar wil ook terugkeren naar een vroegere toestand. Zo blijft Wenen de stad van de knarsende paardenkoetsen, de kitschige Klimtsouvenirs, de ticketverkopers in Mozartoutfit (waarover trouwens dit werk van Jelena Juresa) en groene Dürerhazen bovenop het dak van worstenkramen. Maar het leven is hier comfortabel, mogelijk zelfs té comfortabel. Elk jaar haalt de Wenen de shortlist in de wereldwijde ranking van meest leefbare steden. Ik heb gewoonlijk mijn reserves bij steden met de allures van openluchtmusea, maar voor Wenen wil ik gerust een uitzondering maken. Het zou oneerlijk zijn om de Oostenrijkse hoofdstad danig karikaturaal af te schilderen. Er beweegt wel degelijk heel wat op het vlak van hedendaagse kunst en cultuur—tenminste voor wie er oog voor heeft.

Lois Weinberger, Ruderal Society. Excavating a Garden, site-specific work, soil and spontaneous vegetation
157.46 × 2 × 0.2 m, 2019–2021. Photo: PV

Ik ben hier onder meer voor een reeks interviews (met de steun van Corridor) rond de artistieke nalatenschap van Lois Weinberger, de Oostenrijkse kunstenaar die in april vorig jaar onverwacht overleed. Hij wordt nu postuum geëerd met een tentoonstelling in het Belvedere 21 museum, waarvoor de plannen nog zijn uitgetekend door de kunstenaar zelf. Weinbergers werk werd twee keer opgenomen in de documenta, en is van belang in de manier waarop hij radicaal ecologisch denken met een poëtische signatuur wist te rijmen. Zijn kunst is een experimentele vorm van denken, zoals ook Philippe Van Cauteren (die in 2005 een tentoonstelling met hem - en zijn vrouw Franziska - deed in het S.M.A.K.) optekent in de begeleidende catalogus:

“Lois Weinberger doesn’t make works of art, but indices, indications, remnants, notations, echoes, experimental models, … (...) A work on paper is not a drawing but a means of thinking. An object is no sculpture, but a thinking machine.”

Weinbergers werken zijn te vinden op verschillende plekken in de stad en daarbuiten, wat me doet besluiten om de tram te nemen naar het bedrijfsterrein van EVN (een energieconcern) in Maria Enzersdorf, op zo’n half uur van Wenen. Daar werd recent een interventie van Weinberger opgeleverd, een strook van zo’n vijftien meter waarbij de bovenste laag gras uit de gecultiveerde gazon werd weggegraven. Aan het einde van het pad ligt de gebruikte aarde opgehoopt. Over de gehele lengte neemt spontane, wilde begroeiing—zogenaamd ruderale vegetatie (“onkruid”)—het stelselmatig over van de groene woestenij die de achtertuin van EVN is.

Exhibition view “Lois Weinberger. Basics”. Photo © Johannes Stoll / Belvedere, Vienna

Tijdens een van de conversaties komt me ter ore dat Lois Weinberger en Erwin Wurm—die van 1988 tot 1999 een atelierruimte deelden—wel eens in de clinch lagen over tuinonderhoud. Wurm, die zijn eigen hof onberispelijk cultiveerde, kon zich blijkbaar ergeren aan hoe Weinberger de wildernis liet betijen. Il faut cultiver son jardin, allemaal goed en wel, maar het zit ‘m in de manier waarop. Wat zegt dat over het verschil tussen beide kunstenaars? Zijn dergelijke anekdotes te persoonlijk, of is ook het persoonlijke politiek?

In de Belvedere-tentoonstelling staar ik naar een uitvergrote foto van Lois Weinberger die met een gieter in de hand planten staat water te geven, met de Berlijnse Brandenburger Tor op de achtergrond. De kunstenaar als tuinier, kan het nog politieker? Hier is hij geen heroïsche krijger, dan wel een bewaarder, drager, verzorger—een zorgdrager. Op dezelfde manier is de gieter geen wapen, maar een container, een ontvanger. Dit is de symbolische zeggingskracht van Weinbergers werk, in al zijn zijn bedrieglijke eenvoud. Lees Ursula Le Guin er anders maar eens op na —het hoeft tenslotte niet altijd Deleuze & Guattari te zijn. Naast het museum staat een van Weinbergers befaamde Wild Cubes (1991-2011), een grote gesloten ijzeren kooi waar de spontane vegetatie vrij spel krijgt en de toeschouwer wordt buitengesloten. Staat de wild cube op gespannen voet met de white cube? Niet noodzakelijk, het is de dialoog tussen de twee die telt.

Wiener Secession / Dominique Gonzalez-Foerster. Photo: PV

Lessing schreef in de 18de eeuw dat literatuur en beeldende kunst zich best zouden gedragen als “twee vriendelijke en billijke buren” die “aan hun uiterste grenzen een wederzijdse verdraagzaamheid uitoefenen, waarbij beide zijden een vreedzame compensatie maken voor die kleine agressies die de een zich, in haast en uit dwang der omstandigheden, gedwongen ziet te plegen op het voorrecht van de ander.” Zijn Laokoon-tractaat was doorslaggevend in het afscheid van de—veelal academische en beschrijvende—barok en rococo. Naast de romantiek heeft het ook de totaalvisie van de Wiener Secession beïnvloed: de kunsten moeten uit de academische ketenen bevrijd worden, en elkaar versterken in hun onderlinge verbinding en afbakening. Het Secessionsgebouw (1898) van Joseph Maria Olbrich geldt bovendien als de eerste—kunstenaarsgedreven—white cube, met op de façade de gevleugelde woorden: Der Zeit ihre Kunst, der Kunst ihre Freiheit (De tijd zijn kunst, de kunst haar vrijheid), een slogan die enkele jaren geleden nog werd gekaapt door de nieuwe, conservatieve coalitieregering ÖVP-FPÖ onder leiding van populist Sebastian Kurz. Dit stuitte natuurlijk op felle kritiek van de kunstenaars die nog steeds het bestuur van de Wiener Secession uitmaken.

Op het gelijkvloers toont Dominique Gonzalez-Foerster er een immens groepsportret van 24 bij 5 meter, een collage van intellectuele en artistieke zielsverwanten voorbij de beperkingen van tijd en ruimte. Zo herkennen we onder meer Diego Rivera (een van zijn muurschilderingen vormde de inspiratie), Lou Andreas-Solomé, Cindy Sherman, Rosa Parks, Chantal Akerman, James Baldwin, Paul B. Preciado, Pina Bausch, Franz Kafka, Greta Thunberg en Otobong Nkanga. Haar idee voor een panoramisch tableau, begeleid door gezang van tropische vogels, is ontsproten uit een visioen:

“… woke up in the middle of the night and had a vision. we were close to a small volcano with a gentle lava flow, the vegetation was tropical,there were hummingbirds and llamas … my body was multiplied in several apparitions … surrounded by inspiring friends, humans and non-humans, from now and earlier times. it was a beautiful, joyful, almost operatic crowd, like a march, a protest, an excursion …”

WAF Galerie / Christoph Meier, Ute Müller, Robert Schwarz & Lukas Stopczynski. Photo: PV


Later op de avond beland ik in de WAF Galerie, waar een aantal kunstenaars (Christoph Meier, Ute Müller, Robert Schwarz en Lukas Stopczynski) het kantoor van het Brusselse Etablissement d’en Face—compleet met inboedel—hebben gereconstrueerd. Deze artistieke tour de force is een soort vervolg op een replica van de befaamde Loos Bar in Wenen, die ze vier jaar geleden bouwden in de kelder van Etablissement. De bedoeling is om het kantoor tijdens de maand september te laten bevolken door de Brusselse crew. Etienne Wynants bleek alvast van de partij voor de opening (zie foto). Deze mimetische spiegeling van ruimtes is er dus ook een van kunstscenes, en geeft op een joviale maar uitgekiende manier vorm aan de artistieke dialoog tussen beide hoofdsteden, als verre buren én als goede vrienden, zelfs zonder ooit iets in elkaars tuin verloren te hebben.












Verder in deel 2: viennacontemporary, Curated By, Kunsthalle Wien.